Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiser
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Turkse vreemdeling, werd een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd omdat verweerder een significant risico op onderduiken aannam in het kader van de Dublinverordening. Eiser stelde dat de grensprocedure niet toegepast mag worden bij Dublinclaimanten en dat hij rechtmatig verblijf heeft zolang zijn aanvraag niet inhoudelijk wordt behandeld.
De rechtbank oordeelde dat verweerder voorafgaand aan inhoudelijke beoordeling mag vaststellen of een andere lidstaat verantwoordelijk is en dat dit ook in de grensprocedure kan plaatsvinden bij een vermoeden van onderduiken. De rechtbank verwierp het standpunt van eiser dat een toegangsweigering tot het Schengengebied een overdracht volgens de Dublinverordening zou blokkeren.
Verder stelde de rechtbank vast dat eiser de gronden voor het risico op onderduiken niet had bestreden en dat het belang van eiser bij een beslissing op zijn asielaanvraag niet wegneemt dat het risico op onderduiken aanwezig is. Ook het argument dat verweerder de overdracht moet regelen zonder medewerking van eiser faalde.
De rechtbank concludeerde dat de vrijheidsontnemende maatregel rechtmatig is opgelegd en wees het beroep en het verzoek om schadevergoeding af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de vrijheidsontnemende maatregel wegens risico op onderduiken wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.