Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[Naam], eiser
Procesverloop
Overwegingen
Elgafaji, punt 43; ECLI:EU:C:2009:94.
Rechtbank Den Haag
Eiser, met de Libische en Egyptische nationaliteit, heeft meerdere asielaanvragen ingediend die steeds zijn afgewezen. In zijn meest recente aanvraag stelt hij vrees te hebben voor ernstige schade bij terugkeer naar Libië vanwege zijn werk als geheim agent bij de Libische veiligheidsdienst.
De staatssecretaris heeft de aanvraag afgewezen als kennelijk ongegrond, daarbij uitgaand van eiser's identiteit en nationaliteit, maar achtte zijn verhaal over de werkzaamheden en de daaruit voortvloeiende bedreigingen niet geloofwaardig. Tevens werd verwezen naar eerdere terugkeerbesluiten en inreisverboden die onherroepelijk zijn geworden.
De rechtbank oordeelt dat de situatie in Libië niet voldoet aan de criteria van een 15c-situatie zoals bedoeld in de Kwalificatierichtlijn, waarbij individuele omstandigheden niet relevant zijn. De vrees voor ernstige schade wordt niet bevestigd, mede omdat eiser geen bewijs heeft geleverd van zijn geestelijke gesteldheid en de BMA niet is ingeschakeld.
Verder is vastgesteld dat de terugkeerbesluiten en het inreisverbod rechtsgeldig zijn, ook gezien de vaststaande Libische nationaliteit van eiser. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en de aanvraag afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en afgewezen.