Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiser
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
het samenstel van bovenstaande factorengeen zodanig bijzondere omstandigheden zijn dat overdracht aan Litouwen van onevenredige hardheid getuigt en dus niet gemotiveerd waarom verweerder geen gebruik maakt van zijn ongeclausuleerde bevoegdheid de asielaanvraag van eiser zelf inhoudelijk te behandelen.
moetovergaan tot het overdragen van eiser aan Litouwen. Verweerder zal in de onderhavige procedure handelen overeenkomstig de uitgangspunten van de Dublinverordening indien hij eenvoudigweg gebruik zal maken van de bevoegdheid om de asielaanvraag inhoudelijk te behandelen en daarmee te onderkennen dat sprake is van bijzondere omstandigheden die maatwerk vereisen. Verweerder geeft bovendien te kennen invulling te willen geven aan “de menselijke maat”. Verweerder kan dit in de onderhavige procedure ook daadwerkelijk laten zien door af te zien van overdracht. Ook indien Litouwen de behandeling van de asielaanvraag zou overnemen en internationale bescherming aan eiser zou verlenen, heeft te gelden dat eiser na uitzetting door Nederland in zijn land van herkomst is gedetineerd waarbij, gelet op de aangedragen algemene landeninformatie, het niet ondenkbaar is dat dit niet rechtmatig is geweest en eiser bovendien slachtoffer is geworden van minst genomen “een onmenselijke behandeling” tijdens die detentie. Ook indien in een latere procedure, geconcludeerd zou worden dat Nederland niet mede aansprakelijk is voor de door eiser opgelopen schade, valt niet in te zien waarom verweerder eiser niet toestaat zijn asielaanvraag hier te lande in te dienen. Dit geldt temeer nu niet onvoorzienbaar is dat dit, gelet op de internationale bescherming die thans aan zijn broer is verleend en de omstandigheid dat het asielrelaas van eiser afhankelijk is van het relaas van zijn broer, de asielaanvraag van eiser voor spoedige inwilliging vatbaar is. Daargelaten dat eiser er op heeft gewezen dat Nederland eenvoudiger in staat zal zijn om zijn asielaanvraag te behandelen gelet op de eerdere procedure en gelet op de vergunningverlening aan zijn broer, betekent het niet inhoudelijk behandelen dat eiser mogelijk als statushouder een bestaan in Litouwen moet opbouwen, terwijl zijn broer een bestaan als statushouder in Nederland dient op te bouwen en zij een gezamenlijk asielrelaas hebben. Van al deze gevolgen heeft verweerder zich geen rekenschap gegeven bij de beoordeling of sprake is van bijzondere omstandigheden die de overdracht onevenredig hard maken.
geeft verweerder in overweging de asielaanvraag inhoudelijk te behandelen en niet langer vast te houden aan de overdracht van eiser aan Litouwen”.