Uitspraak
Internationale kinderontvoering
Beschikking in het kader van het op 9 maart 2022 ingekomen verzoek van:
[X]
[Y]
Procedure
- de moeder, bijgestaan door een tolk in de Portugese taal;
- de advocaat van de moeder via Skype;
- [medewerker RvdK] namens de Raad voor de Kinderbescherming (hierna: de Raad).
- het verzoekschrift;
- het F9-formulier van 28 maart 2022 van de zijde van de moeder.
- de moeder, bijgestaan door haar advocaat en [naam tolk] tolk in de Portugese taal;
- de vader via een telefonische verbinding;
- [medewerker RvdK] namens de Raad.
Feiten
- De vader en de moeder zijn gehuwd geweest van [huwelijksdatum] 2018 tot [echtscheidingsdatum] 2021.
- Zij zijn de ouders van de volgende nog minderjarige kinderen:
- De vader en de moeder oefenen het gezamenlijk gezag over [minderjarige 1] uit.
- Blijkens de uittreksels uit het systeem ingevolge de Wet basisregistratie personen hebben de vader en [minderjarige 1] in elk geval de Nederlandse nationaliteit en heeft de moeder de Angolese nationaliteit.
- In februari 2020 heeft de vader [minderjarige 1] meegenomen naar Angola voor familiebezoek met instemming van de moeder, waarna hij op 1 november 2020 terugkeerde naar Nederland. De vader had [minderjarige 1] bij de ouders van de moeder in Angola achtergelaten.
- Bij beschikking van de rechtbank [rb arr. woonplaats Y] van 1 december 2020 zijn voorlopige voorzieningen getroffen, waarbij – voor zover hier van belang – is bepaald dat [minderjarige 1] aan de moeder wordt toevertrouwd.
- Bij beschikking van de rechtbank [rb arr. woonplaats Y] van 19 juli 2021 is – voor zover hier van belang – :