ECLI:NL:RBDHA:2022:4650
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag wijziging verblijfsdoel wegens schijnrelatie en terugkeerbesluit gehandhaafd
Eiseres, houder van een verblijfsvergunning als familie- of gezinslid, verzocht om wijziging van het verblijfsdoel naar verblijf bij een andere referent. Verweerder wees dit af en trok de verblijfsvergunning met terugwerkende kracht in, omdat geen duurzame en exclusieve relatie werd vastgesteld.
Tijdens de hoorzitting werden tegenstrijdige verklaringen van eiseres en referent geconstateerd, en konden zij diverse vragen over hun persoonlijke leven niet beantwoorden. Verweerder kwalificeerde de relatie als een schijnrelatie, bedoeld om verblijfsrecht te verkrijgen.
Eiseres voerde aan dat er sprake was van een liefdesrelatie gelijk aan een huwelijk, ondersteund door fotomateriaal en getuigenverklaringen. De rechtbank oordeelde echter dat deze bewijzen onvoldoende waren om de geconstateerde tegenstrijdigheden en onbeantwoorde vragen weg te nemen.
Verder werd het beroep op artikel 8 EVRM Pro en artikel 4:84 Awb Pro verworpen, omdat onvoldoende aannemelijk was gemaakt dat sprake was van familie- of gezinsleven en geen beleidsregel werd genoemd voor afwijking. Het terugkeerbesluit werd als rechtsgeldig beoordeeld.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de aanvraag tot wijziging van het verblijfsdoel en het terugkeerbesluit wordt ongegrond verklaard.