ECLI:NL:RBDHA:2022:5038
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens ongeloofwaardig relaas en onvoldoende risico bij terugkeer
Eiser, een Nigeriaanse nationaliteit, verzocht om een verblijfsvergunning asiel, stellende dat hij vanwege zijn vermeende betrokkenheid bij de Biafra beweging, problemen met een sekte, en vrees voor vervolging wegens homoseksuele contacten en mensenhandel, bescherming nodig had.
Verweerder wees de aanvraag af omdat het relaas van eiser ongeloofwaardig werd geacht, met name zijn betrokkenheid bij de Biafra beweging en de problemen met de sekte. De rechtbank vond dat verweerder terecht geen aanleiding zag voor een forensisch medisch onderzoek en dat de medische situatie van eiser voldoende was meegewogen.
De rechtbank oordeelde dat eiser onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat hij bij terugkeer een reëel risico op ernstige schade loopt, noch dat hij slachtoffer is van mensenhandel. Ook was er geen bewijs dat zijn vermeende homoseksuele contacten in Italië in Nigeria bekend zijn, waardoor vervolging niet aannemelijk is.
De rechtbank concludeerde dat het beroep ongegrond is en wees een proceskostenveroordeling af. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag is ongegrond verklaard vanwege ongeloofwaardig relaas en onvoldoende aannemelijkheid van risico bij terugkeer.