ECLI:NL:RBDHA:2022:749
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing urgentieverklaring sociale huurwoning wegens onvoldoende bewijs en alternatieven
Eiseres heeft een urgentieverklaring aangevraagd omdat zij zich onveilig voelt in haar huidige woning, mede vanwege dreiging door daders van een eerder misdrijf. Verweerder wees de aanvraag af, stellende dat een verhuizing het probleem onvoldoende oplost en eiseres kan terugvallen op huis-, straat- of contactverboden. Tevens is onvoldoende aangetoond dat eiseres in behandeling is voor haar psychische problemen.
De rechtbank toetst het besluit terughoudend vanwege de beleidsvrijheid van verweerder en constateert dat de standaardberoepsgronden niet slagen. Het feit dat verhuizing het probleem niet volledig wegneemt en dat de eiseres niet alles heeft gedaan om het probleem op te lossen, rechtvaardigt de afwijzing.
De hardheidsclausule wordt niet toegepast omdat eiseres geen feiten heeft aangedragen die niet reeds onder de afwijzingsgronden vallen. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en verweerder hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de urgentieverklaring wordt ongegrond verklaard.