Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[Naam] eiser
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
De eiser, een Tunesische vreemdeling, is sinds 7 februari 2022 onderworpen aan een maatregel van bewaring op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Hij heeft beroep ingesteld tegen het voortduren van deze maatregel en verzocht om schadevergoeding. De rechtbank heeft het onderzoek gesloten zonder zitting.
De rechtbank verwijst naar eerdere uitspraken waarin de rechtmatigheid van de maatregel tot het moment van het laatst gesloten onderzoek is bevestigd. Het geschil richt zich nu op de rechtmatigheid van het voortduren van de maatregel sinds dat moment.
Eiser stelde dat de verzwaarde belangenafweging onterecht in zijn nadeel uitviel en verwees naar vergelijkbare zaken van andere Tunesische mannen waarbij de maatregel was opgeheven. De rechtbank oordeelt echter dat eiser onvoldoende heeft geconcretiseerd waarom die zaken vergelijkbaar zijn, waardoor het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalt.
De rechtbank ziet geen reden om aan te nemen dat de maatregel onrechtmatig is geworden en verklaart het beroep ongegrond. Het verzoek om schadevergoeding wordt eveneens afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.