ECLI:NL:RBDHA:2022:850
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging weigering omgevingsvergunning dakkapellen wegens onvoldoende motivering
Eisers, eigenaren van recreatiewoningen aan een adres te Den Haag, hebben in 2018 brede dakkapellen geplaatst en in 2019 een omgevingsvergunning aangevraagd voor legalisatie hiervan. Het college van burgemeester en wethouders weigerde deze vergunningen op basis van een negatief advies van de Welstandscommissie, stellende dat de dakkapellen niet voldoen aan de redelijke eisen van welstand.
Eisers betoogden dat het college ten onrechte had aangenomen dat een eerder positief welstandsadvies uit 2014 voor eenzelfde type brede dakkapel een eenmalige fout was. Zij overlegden bewijsstukken waaruit bleek dat het positieve advies destijds bewust was gegeven en dat de brede dakkapel als passend werd beschouwd. Tijdens de zitting erkende het college dat het eerdere positieve advies geen fout was en dat het negatieve advies voor de huidige dakkapellen niet houdbaar was.
De rechtbank oordeelde dat het bestreden besluit onvoldoende was gemotiveerd en vernietigde het besluit van het college. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van eisers en het griffierecht. De rechtbank wees een verzoek om toepassing van bijzondere omstandigheden af, omdat geen sprake was van doelbewuste informatieachterhouding of ernstige onzorgvuldigheid door het college.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot weigering van omgevingsvergunningen voor dakkapellen wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering.