Uitspraak
Beschikking op het op 2 juli 2020 ingekomen verzoekschrift van:
[Y] ,
DE STAAT DER NEDERLANDEN,
Procedure
Verzoek en het standpunt van de IND en de officier van justitie
Feiten
- Verzoeker is geboren op [geboortedatum 1] 1991 te [geboorteplaats in Nederland] .
- De ouders van verzoeker zijn [moeder van Y] , geboren op [geboortedatum 2] 1959 te [geboorteplaats 2] , Indonesië en [vader van Y] , geboren op [geboortedatum 3] 1957 te [geboorteplaats 3] , Indonesië.
- De vader van verzoeker is in het bezit van de Indonesische nationaliteit. De moeder van verzoeker is in het bezit van de Nederlandse nationaliteit.
- Verzoeker verkreeg bij zijn geboorte de Nederlandse nationaliteit door afstamming van zijn Nederlandse moeder, op grond van artikel 3 lid 1 van Pro de RWN.
- Volgens de persoonslijst van verzoeker verkreeg hij bij zijn geboorte tevens de Indonesische nationaliteit.
- Verzoeker is op 24 juni 1996 vanuit Nederland naar Indonesië vertrokken en hij werd op 9 november 2020 weer ingeschreven in de Basisregistratie Personen in Nederland.
- Op 23 september 2019 werd aan verzoeker door de Minister van Buitenlandse Zaken een Nederlands paspoort verstrekt.
- De Minister van Buitenlandse Zaken heeft vervolgens in zijn brief van 21 november 2019 aan verzoeker medegedeeld dat hij het Nederlanderschap op 31 maart 2019 heeft verloren op grond van artikel 15 lid 1 aanhef Pro en onder c RWN. De beslissing op de paspoortaanvraag wordt in deze brief aangehouden in verband met het arrest van het Europese Hof van Justitie van 12 maart 2019.
- Het paspoort dat op 23 september 2019 aan verzoeker is verstrekt, is in de brief van 21 november 2019 van rechtswege vervallen verklaard.
- Aan verzoeker werd op 4 december 2019 een Indonesisch paspoort verstrekt, geldig tot 4 december 2024. Op het Indonesische paspoort zijn de volgende persoonsgegevens vermeld: [Voornamen van Y] , geboren op [geboortedatum 1] 1991 te [geboorteplaats in Indonesië] , Indonesië.