ECLI:NL:RBDHA:2022:9871
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot terugwerkende uitbetaling oude rang tijdens opleiding bij KMar
Eiser was werkzaam bij de Koninklijke Luchtmacht in de rang van majoor en wilde overstappen naar de Koninklijke Marechaussee om daar een opleiding te volgen in een lagere rang. Hij verzocht om gedurende de opleiding financieel gecompenseerd te worden door uitbetaling in zijn oude rang met terugwerkende kracht. Dit verzoek werd door verweerder afgewezen, en het bezwaar werd ongegrond verklaard.
Eiser stelde dat hij onjuist was geïnformeerd over de mogelijkheden en dat zijn klasgenoten wel hun oude rang behielden en werden gecompenseerd. Hij voerde aan dat dit in strijd was met het gelijkheidsbeginsel en het verbod van willekeur, en dat er sprake was van nieuwe feiten en omstandigheden.
De rechtbank oordeelde dat er geen nieuwe feiten of veranderde omstandigheden waren die herziening van het aanstellingsbesluit rechtvaardigen. Ook vond de rechtbank dat het beroep niet kon leiden tot het oordeel dat het bestreden besluit evident onredelijk was. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees het verzoek af.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en het verzoek tot terugwerkende uitbetaling in oude rang wordt afgewezen.