ECLI:NL:RBDHA:2022:9932
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verzoek dwangakkoord tegen weigering gemeente Leiden in schuldregeling
De schuldenaar bevindt zich in een problematische schuldensituatie met een totale schuldenlast van €8.532,05 bij zes schuldeisers. Hij deed een voorstel voor een schuldregeling waarbij een deel van de vorderingen wordt voldaan en het restant wordt kwijtgescholden. Vijf schuldeisers stemden in, maar de gemeente Leiden, schuldeiser voor €2.115,74, weigerde mee te werken vanwege vermoedens van overtreding van de informatieplicht bij een bijstandsuitkering en mogelijke opzet of grove schuld.
De rechtbank beoordeelde het verzoek tot oplegging van een dwangakkoord en stelde vast dat de schuldbemiddeling deskundig was uitgevoerd en het voorstel goed gedocumenteerd was. De belangenafweging leidde tot de conclusie dat het onredelijk was dat de gemeente Leiden weigerde in te stemmen, mede omdat de schuldenaar het maximaal haalbare voorstel had gedaan en zijn gezondheidssituatie en kwetsbaarheden het verhogen van aflossingscapaciteit onwaarschijnlijk maken.
De rechtbank benadrukte dat de meerderheid van schuldeisers, goed voor ruim 75% van de schuldenlast, akkoord was en dat het dwangakkoord een gunstiger resultaat biedt dan de wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP). De gemeente Leiden kon op grond van artikel 60c Participatiewet niet vrijwillig meewerken, maar de rechtbank kon haar op grond van artikel 287a Faillissementswet dwingen mee te werken. Het verzoek tot toelating tot de WSNP werd afgewezen omdat het dwangakkoord werd toegewezen.
Uitkomst: De rechtbank legt een dwangakkoord op en beveelt de gemeente Leiden mee te werken aan de schuldregeling.