Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam], eiser
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser, met de Marokkaanse nationaliteit, is sinds 19 februari 2023 onderworpen aan een maatregel van bewaring op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Hij stelde beroep in tegen het voortduren van deze maatregel en verzocht tevens om schadevergoeding. De rechtbank had eerder al geoordeeld dat de maatregel tot 19 mei 2023 rechtmatig was, waardoor nu alleen de periode daarna werd beoordeeld.
Eiser stelde dat verweerder sinds 8 juni 2023 niet meer rechtmatig handelde, omdat het vertrekgesprek van 19 juni 2023 zonder een beëdigde tolk plaatsvond, wat in strijd zou zijn met de Wet beëdigde tolken en vertalers. Verweerder had een medegedetineerde als tolk ingezet. De rechtbank erkende dat in beginsel een beëdigde tolk moet worden ingezet, maar vond dat eiser niet in zijn belangen was geschaad omdat hij met de inzet van de medegedetineerde had ingestemd en het gesprek begrijpelijk was verlopen.
De rechtbank concludeerde dat verweerder voldoende voortvarend had gehandeld, onder meer door meerdere gesprekken en rappelleringen bij de Marokkaanse autoriteiten. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.