ECLI:NL:RBDHA:2023:10379
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Gegrondverklaring beroep tegen niet tijdig besluit op aanvraag machtiging voorlopig verblijf nareis asiel
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit door verweerder op haar en haar twee kinderen ingediende aanvragen voor een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van nareis asiel. Verweerder heeft de beslistermijn verlengd, maar uiteindelijk niet binnen de gestelde termijn besloten. Eiseres stelde verweerder rechtsgeldig in gebreke en diende tijdig beroep in.
De rechtbank oordeelt dat het beroep kennelijk gegrond is en dat het niet tijdig nemen van een besluit gelijkstaat aan een besluit. Gelet op de aard van de zaak, waarbij het gaat om gezinshereniging bij een houder van een asielvergunning, is sprake van een bijzonder geval dat een langere beslistermijn rechtvaardigt. De rechtbank legt een termijn van twintig weken op waarbinnen verweerder alsnog een besluit moet nemen.
Daarnaast wordt een dwangsom van €100 per dag opgelegd voor elke dag dat verweerder de termijn overschrijdt, met een maximum van €7.500. Verweerder wordt veroordeeld in de proceskosten en moet het betaalde griffierecht vergoeden.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en legt een nadere beslistermijn van twintig weken op aan verweerder.