ECLI:NL:RBDHA:2023:1072
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling staatssecretaris tot proceskostenvergoeding wegens niet-tijdig beslissen asielaanvraag
Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het niet-tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 22 januari 2022. Tijdens de procedure heeft de staatssecretaris de asielaanvraag alsnog ingewilligd bij besluit van 24 oktober 2022. Hierop heeft verzoeker het beroep ingetrokken en verzocht om vergoeding van de gemaakte proceskosten.
De rechtbank overweegt dat de veroordeling in proceskosten is geregeld in de Algemene wet bestuursrecht (Awb), met name artikel 8:75a, dat bepaalt dat indien een bestuursorgaan geheel tegemoetkomt aan het beroep, de rechtbank het bestuursorgaan kan veroordelen tot proceskostenvergoeding. Nu verweerder niet tijdig heeft beslist en alsnog de aanvraag heeft ingewilligd, is verweerder geheel aan het beroep tegemoetgekomen.
De rechtbank stelt de proceskosten vast op €418,50, gebaseerd op het Besluit proceskosten bestuursrechter en een wegingsfactor 'licht', aangezien het beroep alleen zag op het niet tijdig nemen van een besluit. De rechtbank veroordeelt verweerder tot betaling van dit bedrag aan verzoeker.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de staatssecretaris tot betaling van €418,50 aan proceskosten wegens niet-tijdig beslissen op de asielaanvraag.