Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam], eiseres
de minister van Buitenlandse Zaken, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiseres, met de Marokkaanse nationaliteit, verzocht op 3 november 2021 om een visum voor kort verblijf voor familiebezoek bij haar tante, die als referente optrad. De minister van Buitenlandse Zaken wees de aanvraag af op grond van onvoldoende bewijs van het verblijfsdoel, onvoldoende middelen van bestaan en twijfel over terugkeer.
Eiseres stelde dat zij voldoende bewijs had geleverd voor haar familierelatie, middelen en binding met haar land van herkomst. Tijdens de procedure trok de oorspronkelijke referente zich echter terug, stellende dat eiseres niet van plan was terug te keren naar Marokko. Eiseres overwoog daarop een nieuwe garantsteller aan te wijzen.
De rechtbank beoordeelde ambtshalve het procesbelang en concludeerde dat door het terugtrekken van de oorspronkelijke referente het beoogde verblijfsdoel niet meer kan worden verwezenlijkt. Hierdoor ontbrak een actueel en reëel belang bij de beroepsprocedure, zodat het beroep niet-ontvankelijk werd verklaard. De overige beroepsgronden behoefden geen bespreking meer.
Er werd geen aanleiding gezien tot proceskostenveroordeling of vergoeding van griffierecht. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een actueel en reëel procesbelang.