ECLI:NL:RBDHA:2023:1115
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verzoek proceskostenvergoeding na intrekking beroep tegen niet-tijdig beslissen asielaanvraag
Eiser diende op 10 september 2021 een asielaanvraag in waarop de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid niet tijdig besloot. Eiser stelde beroep in tegen deze niet-tijdige beslissing. Vervolgens heeft de staatssecretaris bij besluit van 23 juni 2022 de asielaanvraag ingewilligd. Naar aanleiding hiervan trok eiser het beroep in en verzocht de rechtbank om de proceskosten te vergoeden.
De rechtbank overwoog dat op grond van artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) de proceskosten kunnen worden toegewezen indien het bestuursorgaan geheel tegemoet is gekomen aan het beroep. Gezien de inwilliging van de asielaanvraag binnen de beroepsprocedure, werd dit als tegemoetkoming aangemerkt.
De rechtbank stelde de proceskosten vast op €418,50, berekend volgens het Besluit proceskosten bestuursrechter met een wegingsfactor 'licht', omdat het beroep alleen betrekking had op het niet tijdig beslissen. De uitspraak werd gedaan zonder zitting en de staatssecretaris werd veroordeeld tot vergoeding van deze kosten.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de staatssecretaris tot betaling van €418,50 aan proceskosten aan eiser.