Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam], eiser
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 11 september 2021. Verweerder heeft de asielaanvraag op 12 juli 2022 ingewilligd, waarmee het beroep tegen het niet tijdig beslissen feitelijk is komen te vervallen. De rechtbank stelt vast dat eiser daardoor geen procesbelang meer heeft voor dit onderdeel van het beroep.
Eiser verzocht tevens om een bestuurlijke dwangsom wegens het niet tijdig beslissen. De rechtbank wijst dit af omdat de Tijdelijke wet opschorting dwangsommen IND toepassing van bestuurlijke dwangsommen op asielbesluiten uitsluit. Dit is bevestigd door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, die oordeelde dat deze wet niet in strijd is met het Unierecht.
Daarom verklaart de rechtbank het beroep kennelijk niet-ontvankelijk. Wel veroordeelt zij verweerder in de proceskosten van eiser, vastgesteld op €418,50, vanwege het recht van eiser om beroep in te stellen tegen het niet tijdig beslissen. De uitspraak is gedaan zonder zitting op 25 juli 2023 door rechter K.M. de Jager.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen op de asielaanvraag wordt kennelijk niet-ontvankelijk verklaard en verweerder wordt veroordeeld in de proceskosten.