ECLI:NL:RBDHA:2023:11787
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid asielaanvragen wegens internationale bescherming in Italië
Eisers, een gehuwd Syrisch echtpaar, dienden op 10 oktober 2022 asielaanvragen in Nederland in. De staatssecretaris verklaarde deze niet-ontvankelijk omdat uit informatie van Italiaanse autoriteiten bleek dat eisers internationale bescherming genieten in Italië. Eisers betwistten dit en voerden aan dat hun verblijfsstatus onduidelijk is en dat zij in Italië geen adequate opvang of verzorging ontvangen.
De rechtbank stelde vast dat eiseres tot 2 mei 2026 internationale bescherming geniet in Italië en dat ook eiser een asielvergunning heeft, bevestigd door een brief van de Italiaanse autoriteiten. Hoewel de vertaling hiervan ontbrak, was dit niet doorslaggevend gezien de overige verklaringen. Eisers konden niet aantonen dat zij in Italië pogingen hebben ondernomen om hun rechten op opvang en verzorging af te dwingen of dat zij geen toegang tot voorzieningen hebben.
Eisers voerden aan dat zij vanwege hun leeftijd en medische problemen bijzonder kwetsbaar zijn en bij terugkeer in Italië in een toestand van zeer verregaande materiële deprivatie zullen verkeren. De rechtbank oordeelde dat hun medische klachten onvoldoende ernstig zijn om onder het arrest Ibrahim te vallen en dat zij niet aannemelijk hebben gemaakt dat noodzakelijke medische zorg in Italië ontbreekt.
De rechtbank verwierp ook het argument dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet meer geldt voor statushouders in Italië. De situatie van eisers was niet vergelijkbaar met eerdere uitspraken waarbij het vertrouwensbeginsel werd losgelaten. De beroepen van eisers werden ongegrond verklaard en de niet-ontvankelijkheid van hun asielaanvragen bevestigd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de niet-ontvankelijkverklaring van de asielaanvragen.