ECLI:NL:RBDHA:2023:12352
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag op grond van Dublinverordening
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris om zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel niet in behandeling te nemen, omdat Duitsland verantwoordelijk is voor de behandeling van zijn asielverzoek. De rechtbank heeft het beroep op zitting behandeld, waarbij eiser en zijn gemachtigde niet zijn verschenen.
De rechtbank oordeelt dat de staatssecretaris terecht uitgaat van het interstatelijk vertrouwensbeginsel ten aanzien van Duitsland. Eiser heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat Duitsland zijn internationale verplichtingen niet nakomt of dat er sprake is van indirect refoulement. De Duitse autoriteiten hebben met het claimakkoord van mei 2023 gegarandeerd dat zij het asielverzoek opnieuw in behandeling zullen nemen.
Daarnaast heeft de staatssecretaris voldoende gemotiveerd waarom geen gebruik wordt gemaakt van de discretionaire bevoegdheid van artikel 17 van Pro de Dublinverordening om het verzoek zelf te behandelen. Eiser heeft geen bijzondere omstandigheden aangevoerd die een onevenredige hardheid zouden opleveren.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst een proceskostenveroordeling af. De uitspraak is gedaan door rechter Boerhof en griffier Otten op 9 augustus 2023.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag is ongegrond verklaard.