ECLI:NL:RBDHA:2023:12518
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielprocedure wegens Dublin-verantwoordelijkheid Frankrijk
Verzoekers, allen van Libanese nationaliteit, hebben een verzoek ingediend tot het treffen van een voorlopige voorziening tegen de beslissing van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om hun asielaanvragen niet in behandeling te nemen. De staatssecretaris beriep zich op de Dublin-verordening, waardoor Frankrijk verantwoordelijk is voor de behandeling van deze aanvragen.
De voorzieningenrechter heeft de verzoeken samen met andere gerelateerde zaken behandeld. Op dezelfde dag heeft de rechtbank uitspraak gedaan in de hoofdzaak (zaaknummers NL23.19709, NL23.19712 en NL23.19714), waardoor de noodzaak voor een voorlopige voorziening verviel.
De voorzieningenrechter heeft daarom de verzoeken om voorlopige voorziening afgewezen en geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Verzoeken om voorlopige voorziening worden afgewezen omdat Frankrijk verantwoordelijk is voor de behandeling van de asielaanvragen.