ECLI:NL:RBDHA:2023:12653
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverordening
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris om haar asielaanvraag niet in behandeling te nemen, omdat België verantwoordelijk is voor de behandeling van haar aanvraag op grond van de Dublinverordening. De rechtbank heeft het beroep op 25 juli 2023 behandeld en beoordeelt of het besluit terecht is genomen.
De rechtbank stelt vast dat Nederland een verzoek tot terugname aan België heeft gedaan en dat België dit verzoek heeft aanvaard. Eiseres had zich al in september 2022 willen aanmelden, maar dit is door drukte in Ter Apel niet gelukt. De rechtbank oordeelt dat dit risico voor rekening van eiseres komt, omdat zij pas in februari 2023 officieel een aanvraag heeft ingediend, waardoor Nederland verantwoordelijk is geworden.
Eiseres voert aan dat de opvang in België ontoereikend is, mede vanwege tekort aan opvangplekken en nalatigheid van de Belgische overheid, wat zou kunnen leiden tot een schending van haar rechten. De rechtbank erkent de zorgen over de opvang, maar concludeert op basis van informatie van Belgische autoriteiten en eerdere uitspraken dat België prioriteit geeft aan vrouwen en minderjarigen en dat de opvangverplichtingen worden nagekomen.
De rechtbank acht de periode tussen overdracht en opvangtoewijzing te kort om te spreken van een reëel risico op onrechtmatige behandeling. Daarom verklaart de rechtbank het beroep ongegrond en blijft het besluit van de staatssecretaris in stand. Eiseres krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard en het besluit tot niet in behandeling nemen van haar asielaanvraag blijft in stand.