ECLI:NL:RBDHA:2023:12711
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet tijdig beslissen asielaanvraag kennelijk niet-ontvankelijk wegens geldige beslistermijnverlenging
Eiser heeft op 24 september 2022 een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend. Na het uitblijven van een beslissing stelde eiser de staatssecretaris op 14 april 2023 in gebreke en diende op 4 mei 2023 beroep in tegen het niet tijdig nemen van een besluit.
De rechtbank overweegt dat op grond van de Vreemdelingenwet 2000 de beslistermijn zes maanden bedraagt, met een mogelijke verlenging van maximaal negen maanden indien sprake is van een grote instroom van vreemdelingen. De staatssecretaris heeft deze verlenging toegepast met inwerkingtreding van het WBV 2022/22, wat door de rechtbank in een eerdere uitspraak als rechtsgeldig is beoordeeld.
Omdat de verlenging van de beslistermijn rechtsgeldig is, is de ingebrekestelling van 14 april 2023 prematuur en voldoet het beroep niet aan de vereisten van artikel 6:12 Awb Pro. De rechtbank verklaart het beroep daarom kennelijk niet-ontvankelijk en wijst een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen op de asielaanvraag wordt kennelijk niet-ontvankelijk verklaard wegens een rechtsgeldige verlenging van de beslistermijn.