Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 10 augustus 2023 in de zaak tussen
[eiser] , uit [woonplaats] , eiser
het college van burgemeester en wethouders van Den Haag; verweerder
Inleiding
Overwegingen
Beoordeling door de rechtbank
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit voor zover dat ziet op het recht op bijstand van eiser over de periode van 28 december 2020 tot en met 14 februari 2021;
- bepaalt dat eiser recht heeft op een nabetaling van € 439,72 over de periode van 28 december 2020 tot en met 31 januari 2021;
- bepaalt dat eiser recht heeft op een nabetaling van € 399,45 over de periode van 1 februari 2021 tot en met 14 februari 2021;
- bepaalt dat deze uitspraak in zoverre in de plaats treedt van het vernietigde besluit;
- laat het bestreden besluit voor het overige in stand;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser tot een bedrag van € 2.868,-;
- draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 49,- aan eiser te vergoeden.