ECLI:NL:RBDHA:2023:12950
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielzaak na behandeling beroep
Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid op 26 juli 2023 niet-ontvankelijk werd verklaard. Hiertegen heeft verzoeker beroep ingesteld bij de rechtbank.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om een voorlopige voorziening samen met de hoofdzaak op 25 augustus 2023 behandeld. Verzoeker was aanwezig met zijn gemachtigde en een tolk, terwijl de staatssecretaris werd vertegenwoordigd door zijn gemachtigde.
Gezien de uitspraak op het beroep in zaaknummer NL23.21833 op dezelfde dag, achtte de voorzieningenrechter een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk. Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter M. Munsterman en griffier M. Dijk, en is openbaar gemaakt via rechtspraak.nl. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak reeds is behandeld.