Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[Naam], eiser,
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser, met de Marokkaanse nationaliteit, is op 22 augustus 2023 in bewaring gesteld op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. De maatregel van bewaring is eerder door de rechtbank getoetst en toen als rechtmatig beoordeeld tot 15 juni 2023. Het huidige beroep richt zich op de rechtmatigheid van het voortduren van de bewaring na die datum.
Eiser voert aan dat verweerder onvoldoende informatie heeft verstrekt over de voortgang van zijn uitzetting en dat er geen zicht is op uitzetting op korte termijn. Verweerder heeft echter een voortgangsrapportage overgelegd waaruit blijkt dat er vijfmaal schriftelijk is gerappelleerd bij de Marokkaanse autoriteiten en dat er vier vertrekgesprekken met eiser zijn gevoerd. Eiser weigert echter mee te werken aan zijn terugkeer, wat de vertraging in het proces verklaart.
De rechtbank stelt vast dat er in het algemeen zicht is op uitzetting naar Marokko en dat eiser geen concrete feiten heeft aangevoerd die het tegendeel bewijzen. De vertraging is te wijten aan het gebrek aan medewerking van eiser. Daarom is de maatregel van bewaring rechtmatig en wordt het beroep ongegrond verklaard. Het verzoek om schadevergoeding wordt eveneens afgewezen en er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.