Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[Naam], eiser,
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Jemenitische asielzoeker, werd door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid geweigerd in behandeling te worden genomen omdat op grond van de Dublinverordening Roemenië verantwoordelijk is voor zijn asielaanvraag. Eiser voerde aan dat Roemenië zich niet aan internationale richtlijnen houdt, sprake is van pushbacks en dat hij vanwege nierstenen niet adequaat medisch behandeld kan worden in Roemenië.
De rechtbank overwoog dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel ten aanzien van Roemenië in beginsel geldt en dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat dit niet het geval is. De enkele aanwezigheid van pushbacks in Roemenië is onvoldoende om het vertrouwensbeginsel te doorbreken. Ook is niet gebleken dat eiser een reëel risico loopt op pushbacks zonder procedure. Medische klachten zijn onvoldoende onderbouwd met documenten en vormen geen bijzondere omstandigheid die toepassing van artikel 17 van Pro de Dublinverordening rechtvaardigt.
De rechtbank concludeert dat het bestreden besluit niet in strijd is met de Vreemdelingenwet en dat eiser geen feitelijke instantie is ontnomen. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en een proceskostenveroordeling wordt niet opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit de asielaanvraag niet in behandeling te nemen wordt ongegrond verklaard.