ECLI:NL:RBDHA:2023:13986
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen buiten behandeling stellen asielaanvraag op grond van Dublinverordening
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling te nemen. Dit omdat op grond van de Dublinverordening is vastgesteld dat Spanje verantwoordelijk is voor de behandeling van zijn aanvraag en Nederland een verzoek tot terugname aan Spanje heeft gedaan, dat is aanvaard.
Eiser betoogt dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel jegens Spanje niet meer kan worden aangenomen vanwege problemen met opvang en toegang tot de asielprocedure in Spanje. De rechtbank overweegt dat het aan eiser is om aannemelijk te maken dat het vertrouwensbeginsel niet meer geldt. De rechtbank concludeert dat uit het meest recente AIDA-rapport en eerdere uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State geen zodanige structurele tekortkomingen blijken die de hoge drempel van artikel 3 EVRM Pro bereiken.
De rechtbank merkt op dat eiser niet eerder een asielaanvraag in Spanje heeft ingediend en dat Spaanse autoriteiten expliciet hebben toegezegd zijn asielverzoek in behandeling te nemen. De detentie van eiser in Spanje had betrekking op illegale inreis en niet op een asielprocedure. Mocht eiser onverhoopt toch geen toegang krijgen tot de asielprocedure of opvang, dan kan hij zich daarover beklagen bij Spaanse autoriteiten, die volgens het AIDA-rapport ook daadwerkelijk maatregelen nemen.
Daarom is het bestreden besluit om de aanvraag buiten behandeling te stellen terecht genomen en wordt het beroep ongegrond verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het buiten behandeling stellen van de asielaanvraag is ongegrond verklaard.