ECLI:NL:RVS:2023:364
Raad van State
- Hoger beroep
- J. Schipper-Spanninga
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid aanvraag verblijfsvergunning asiel na Dublinprocedure
Bij besluit van 16 december 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die dit beroep op 10 januari 2023 ongegrond verklaarde.
De vreemdeling ging in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Deze oordeelde dat het hoger beroep geen aanleiding gaf om de uitspraak van de rechtbank te vernietigen, mede omdat de rechtsvraag reeds eerder door de Afdeling was beantwoord in een uitspraak van 8 juli 2021 betreffende opvangvoorzieningen in Spanje voor Dublinclaimanten.
De Raad van State stelde vast dat het aangehaalde AIDA-rapport geen wezenlijk ander beeld gaf dan de reeds beschikbare landeninformatie. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. De staatssecretaris werd niet veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.