ECLI:NL:RBDHA:2023:14893
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen voortduren maatregel van bewaring vreemdeling
Eiser, een Marokkaanse vreemdeling, is sinds 17 april 2023 onderworpen aan een maatregel van bewaring op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Hij heeft beroep ingesteld tegen het voortduren van deze maatregel en verzocht om schadevergoeding. De rechtbank heeft het onderzoek gesloten zonder zitting te houden, omdat het beroep een vervolgberoep betreft en het verzoek om zitting niet onderbouwd was.
De rechtbank heeft eerder de rechtmatigheid van de maatregel en het voortduren daarvan beoordeeld in uitspraken van 1 juni 2023 en 20 juli 2023, waarbij het voortduren tot dat moment rechtmatig werd bevonden. In dit beroep staat alleen de periode na het sluiten van het vorige onderzoek ter beoordeling.
Eiser stelde dat verweerder de rechtbank onjuist heeft geïnformeerd over de noodzaak van natte vingerafdrukken voor de afgifte van een laissez-passer, wat volgens hem een zelfstandige grond vormt voor gegrondverklaring van het beroep. De rechtbank oordeelt dat deze stelling berust op een onjuiste lezing van de stukken en dat uit het dossier niet blijkt dat de rechtbank onjuist is voorgelicht.
De ambtshalve toetsing leidt eveneens niet tot het oordeel dat het voortduren van de maatregel onrechtmatig is. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Verweerder hoeft geen proceskosten te betalen. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.