Eiser, een Ethiopische Tigreeër, diende op 18 mei 2022 een asielaanvraag in na mishandeling en detentie vanwege zijn etnische afkomst. De staatssecretaris wees de aanvraag af op basis van een verbeterde veiligheidssituatie voor Tigreeërs sinds het vredesakkoord van november 2022 en het beleid om Tigreeërs niet langer als risicogroep te beschouwen.
De rechtbank oordeelt dat de toetsing toekomstgericht is en dat het beleid van de staatssecretaris niet onredelijk is. Echter, de rechtbank vindt dat de staatssecretaris onvoldoende heeft gemotiveerd hoe de algemene situatie voor Tigreeërs is betrokken bij de beoordeling van de individuele vrees van eiser.
Eiser heeft een geloofwaardig persoonlijk relaas over vervolging door zowel buurtgenoten als autoriteiten. De rechtbank stelt dat de staatssecretaris onvoldoende heeft gemotiveerd waarom deze vrees niet aannemelijk zou zijn, mede omdat het incident en de huiszoeking breed bekend waren en de spanningen in het gebied blijven bestaan.
Daarom vernietigt de rechtbank het bestreden besluit en draagt de staatssecretaris op een nieuw besluit te nemen rekening houdend met deze uitspraak. Tevens wordt de staatssecretaris veroordeeld in de proceskosten van eiser.