ECLI:NL:RBDHA:2023:15376
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublin-Frankrijk
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen, omdat Frankrijk verantwoordelijk is voor de behandeling op grond van artikel 12 van Pro de Dublinverordening. Eiser voert aan dat hij vanwege zijn medische problemen en de beperkte opvang in Frankrijk niet veilig is en dat de staatssecretaris zijn discretionaire bevoegdheid had moeten gebruiken om de aanvraag toch in behandeling te nemen.
De rechtbank oordeelt dat Frankrijk in beginsel verantwoordelijk is en dat de staatssecretaris mag uitgaan van het interstatelijk vertrouwensbeginsel. Eiser slaagt er niet in aannemelijk te maken dat hij in Frankrijk in een situatie van ernstige materiële deprivatie zal verkeren, noch dat hij geen adequate medische zorg zal ontvangen. De aangevoerde medische omstandigheden en verwijzingen naar Duitse rechtbankuitspraken zijn onvoldoende vergelijkbaar.
De rechtbank wijst erop dat eiser in Frankrijk geen asiel heeft aangevraagd en dat hij klachten over de situatie in Frankrijk bij de Franse autoriteiten kan indienen. De vrees van eiser voor bedreigingen vanuit Indonesië is niet onderbouwd. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en het besluit van de staatssecretaris blijft in stand.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.