ECLI:NL:RBDHA:2023:15625
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens onvoldoende bewijs gegronde vrees vervolging en gevangenschap in Nigeria
Eiser, een Nigeriaanse nationaliteit, diende op 18 augustus 2020 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel. Verweerder wees de aanvraag af op 18 november 2022, omdat eiser niet voldeed aan de voorwaarden en geen uitstel van vertrek kreeg op medische gronden. Eiser stelde dat hij vreesde voor gevangenschap vanwege betrokkenheid bij een verkrachting en vervolging door Nigeriaanse autoriteiten.
De rechtbank oordeelde dat de vrees voor vervolging en gevangenschap niet als relevant element kon worden aangemerkt en dat eiser onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat hij daadwerkelijk vervolgd zou worden. De verklaringen van eiser waren onduidelijk en er ontbraken onderbouwende documenten zoals een arrestatiebevel.
Daarnaast werd geoordeeld dat eiser niet in aanmerking kwam voor een verblijfsvergunning op humanitaire gronden, omdat hij onvoldoende bijzondere omstandigheden had gesteld en zijn banden met Nigeria sterker waren dan met Nederland. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.