Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen door verweerder op zijn asielaanvraag, nadat de rechtbank in een eerdere uitspraak verweerder had opgedragen binnen acht weken te beslissen. De rechtbank stelt vast dat verweerder niet binnen de gestelde termijn heeft beslist, ondanks een ingebrekestelling door eiser.
De rechtbank verklaart het beroep kennelijk ontvankelijk en gegrond en legt verweerder een nieuwe beslistermijn van twee weken op, ingaand na verzending van deze uitspraak. Tevens wordt een dwangsom van €200 per dag opgelegd bij overschrijding van deze termijn, met een maximum van €15.000.
Daarnaast krijgt eiser een proceskostenvergoeding van €418,50 toegekend vanwege het inschakelen van juridische hulp. De uitspraak is gedaan door rechter M.C. Verra en griffier O.G. Hulsman en is uitgesproken in het openbaar op 7 april 2023.