Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam eiser] , eiser
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Eritrese staatsburger, diende op 21 februari 2023 een asielaanvraag in Nederland in. Verweerder nam deze aanvraag niet in behandeling op grond van artikel 30, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000, omdat Kroatië verantwoordelijk zou zijn volgens artikel 13, eerste lid, van de Dublinverordening. Verweerder stelde dat eiser via Kroatië het EU-grondgebied was binnengekomen en binnen twaalf maanden in Nederland asiel had gevraagd.
Eiser voerde aan dat Kroatië asielzoekers niet in overeenstemming met internationale afspraken behandelt en verwees naar eerdere rechtbankuitspraken waarin dit werd bevestigd. Hij stelde dat Kroatië zogenoemde pushbacks toepast, waardoor asielzoekers teruggestuurd worden naar gevaarlijke gebieden.
De rechtbank oordeelde dat de eerdere uitspraken achterhaald zijn door een recente uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 13 september 2023, waarin werd vastgesteld dat het overdragen van vreemdelingen aan Kroatië weer mogelijk is. Kroatische autoriteiten hebben bevestigd dat asielzoekers adequaat worden behandeld. De rechtbank vond geen reden om hiervan af te wijken en verklaarde het beroep ongegrond.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door rechter S.E. van de Merbel en griffier N.F. Kreeftmeijer op 17 oktober 2023 te Middelburg.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen wordt ongegrond verklaard.