ECLI:NL:RBDHA:2023:16425
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing WIA-uitkering wegens ontbreken privaatrechtelijke dienstbetrekking en gezagsverhouding
Eiseres diende een aanvraag in voor een WIA-uitkering met verkorte wachttijd, welke door het UWV werd afgewezen omdat zij niet verzekerd was voor de WIA. De kern van het geschil betrof de vraag of tussen eiseres en haar werkgever een privaatrechtelijke dienstbetrekking bestond. De rechtbank beoordeelde dit aan de hand van de criteria van persoonlijke arbeidsverplichting, loonbetaling en gezagsverhouding.
Hoewel er een arbeidsovereenkomst was gesloten en loon werd betaald, heeft eiseres niet aannemelijk gemaakt dat er sprake was van een gezagsverhouding. De arbeidsrelatie werd in overwegende mate beheerst door de familierelatie tussen eiseres en haar echtgenoot, die tevens werkgever is. Er werden geen concrete aanwijzingen gegeven dat eiseres opdrachten ontving of gecontroleerd werd door haar echtgenoot.
De rechtbank concludeerde dat de feitelijke situatie onvoldoende bewijs leverde voor het bestaan van een privaatrechtelijke dienstbetrekking. Hierdoor was eiseres niet verzekerd voor de WIA en werd het beroep ongegrond verklaard. Tevens werd het verzoek om schadevergoeding afgewezen en werden proceskosten niet vergoed.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard omdat zij niet aannemelijk heeft gemaakt dat zij verzekerd was voor de WIA.