ECLI:NL:RBDHA:2023:16545
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- I.A.M. van Boetzelaer - Gulyas
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens verantwoordelijkheid Kroatië op grond van Dublinverordening
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn asielaanvraag van 2 april 2023 niet in behandeling te nemen, omdat Kroatië verantwoordelijk zou zijn voor de behandeling volgens de Dublinverordening.
De rechtbank heeft het beroep beoordeeld zonder zitting, gelet op de regelgeving binnen de Europese Unie die bepaalt dat de lidstaat die verantwoordelijk is voor de asielaanvraag deze moet behandelen. Nederland heeft Kroatië verzocht de aanvraag over te nemen, wat door Kroatië is geaccepteerd.
Eiser voerde aan dat Kroatië het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet mag toepassen vanwege tekortkomingen in de opvang en bescherming, onderbouwd met eerdere bedreigingen en mishandelingen in Kroatië. De rechtbank oordeelt echter dat deze argumenten onvoldoende zijn om het vertrouwensbeginsel te verwerpen, mede omdat eiser klachten kan indienen bij Kroatische autoriteiten en het afwijzen van zijn verzoek om overplaatsing niet betekent dat bescherming ontbreekt.
De rechtbank verklaart het beroep kennelijk ongegrond en bevestigt dat de staatssecretaris de asielaanvraag terecht niet in behandeling heeft genomen. Er worden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt kennelijk ongegrond verklaard en de asielaanvraag terecht niet in behandeling genomen.