ECLI:NL:RBDHA:2023:17532
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- S. Ketelaars - Mast
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaring van beroep tegen voortduren maatregel van bewaring vreemdeling
De staatssecretaris heeft op 25 september 2023 aan eiser de maatregel van bewaring opgelegd op grond van artikel 59b van de Vreemdelingenwet 2000. Eiser stelde beroep in tegen het voortduren van deze maatregel en verzocht tevens om schadevergoeding. De rechtbank heeft eerder de rechtmatigheid van de maatregel tot 6 oktober 2023 beoordeeld en oordeelde toen dat de maatregel rechtmatig was.
In het onderhavige beroep heeft eiser aangevoerd dat een lichter middel, zoals een meldplicht, passend zou zijn vanwege zijn medische problematiek en betrokkenheid van zijn kinderen. Tevens stelde hij detentieongeschiktheid wegens verergerde klachten en onvoldoende medische zorg in detentie. De rechtbank stelt vast dat eiser geen nieuwe feiten of omstandigheden heeft aangedragen die het risico op onttrekking aan het toezicht wegnemen of het toepassen van een lichter middel rechtvaardigen.
De rechtbank concludeert dat eiser niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij detentieongeschikt is, omdat hij geen medische stukken heeft overgelegd en de zorg in detentie niet als ontoereikend is aangetoond. De belangenafweging blijft daarom in het voordeel van de staatssecretaris. Ook is de voortgang van de asielprocedure voldoende gebleken. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.