ECLI:NL:RBDHA:2023:17537
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Gegrondverklaring beroep wegens niet tijdig besluit op bezwaar nareis aanvraag
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar bezwaar tegen de afwijzing van haar aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van nareis. Verweerder heeft geen verweerschrift ingediend. De rechtbank oordeelt dat het beroep niet voortijdig is ingediend en kennelijk gegrond is vanwege het overschrijden van de beslistermijn.
De rechtbank stelt vast dat verweerder uiterlijk op 21 augustus 2023 een besluit had moeten nemen, maar dit niet heeft gedaan. Eiseres heeft verweerder rechtsgeldig op 22 augustus 2023 in gebreke gesteld en het beroep is op 14 september 2023 ingediend. De rechtbank legt een termijn van twintig weken na verzending van de uitspraak op waarbinnen verweerder alsnog een besluit moet nemen.
Daarnaast legt de rechtbank een dwangsom van €100 per dag op met een maximum van €7.500 voor het overschrijden van deze termijn. Verweerder wordt veroordeeld tot betaling van reeds verbeurde bestuurlijke dwangsommen van €1.442, de proceskosten van €418,50 en de vergoeding van het griffierecht van €184. De uitspraak is gedaan door rechter J.F.I. Sinack en openbaar gemaakt op 16 november 2023.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en draagt verweerder op binnen twintig weken alsnog een besluit te nemen, met oplegging van dwangsommen en veroordeling in proceskosten en griffierecht.