ECLI:NL:RBDHA:2023:17809
Rechtbank Den Haag
- Versnelde behandeling
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke uitspraak over niet tijdig beslissen op aanvraag machtiging tot voorlopig verblijf
Eiseres heeft namens zichzelf en haar minderjarige kinderen een aanvraag ingediend voor een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van nareis. De staatssecretaris heeft niet tijdig op deze aanvraag beslist, ondanks een ingebrekestelling van eiseres. Eiseres stelde vervolgens beroep in tegen het niet tijdig nemen van een besluit.
De rechtbank oordeelt dat het beroep gegrond is omdat de staatssecretaris de beslistermijn, die met drie maanden was verlengd, heeft overschreden. De rechtbank sluit zich aan bij eerdere jurisprudentie dat overschrijding van de beslistermijn bij gezinshereniging een bijzonder geval is en stelt een termijn vast waarbinnen alsnog een besluit moet worden genomen.
Daarnaast legt de rechtbank een dwangsom op van €100 per dag met een maximum van €7.500 aan de staatssecretaris en veroordeelt deze tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eiseres. De uitspraak is gedaan zonder zitting en is openbaar gemaakt op rechtspraak.nl.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de staatssecretaris wordt opgedragen binnen een gestelde termijn alsnog te beslissen met oplegging van een dwangsom.