Eiseres heeft op 12 oktober 2022 een aanvraag ingediend voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) in het kader van nareis bij een referent. De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft niet binnen de wettelijk gestelde termijn van 90 dagen beslist en heeft deze termijn met drie maanden verlengd. Eiseres stelde de Staatssecretaris op 19 juli 2023 in gebreke vanwege het uitblijven van een besluit en stelde vervolgens beroep in op 13 augustus 2023.
De rechtbank stelt vast dat de beslistermijn is verstreken, de ingebrekestelling rechtsgeldig is en dat sindsdien meer dan twee weken zijn verstreken. Op basis hiervan verklaart de rechtbank het beroep kennelijk gegrond. De rechtbank sluit zich aan bij eerdere jurisprudentie waarin overschrijding van de beslistermijn bij gezinshereniging met een asielvergunninghouder als bijzonder geval wordt aangemerkt.
De rechtbank bepaalt dat de Staatssecretaris binnen acht weken na de uitspraak alsnog een besluit moet nemen, tenzij nader onderzoek wordt ingesteld, in welk geval de termijn twintig weken bedraagt. Tevens legt de rechtbank een dwangsom van €100 per dag op met een maximum van €7.500 en stelt de reeds verbeurde dwangsom vast op €1.442. Daarnaast worden de proceskosten van eiseres vastgesteld op €418,50.