ECLI:NL:RBDHA:2023:18315
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beëindiging tijdelijke bescherming derdelanders uit Oekraïne bevestigd door rechtbank
Eiser maakte bezwaar tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn tijdelijke bescherming als gevolg van de massale toestroom van ontheemden uit Oekraïne te beëindigen per 4 september 2023. De rechtbank Den Haag behandelde het beroep en het verzoek tot voorlopige voorziening op 24 november 2023.
De rechtbank verwijst naar een eerdere uitspraak van 30 oktober 2023 waarin is vastgesteld dat de staatssecretaris bevoegd is om de tijdelijke bescherming voor de facultatieve groep, waaronder eiser valt, te beëindigen. Tevens is geoordeeld dat dit niet in strijd is met het rechtszekerheids- en vertrouwensbeginsel en dat een voornemenprocedure zonder individueel gehoor volstaat.
Eisers argumenten over de bevoegdheid en verwijzingen naar andere uitspraken worden door de rechtbank niet gevolgd. De rechtbank sluit zich aan bij de eerder geformuleerde overwegingen en verklaart het beroep ongegrond. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
De uitspraak is gedaan door rechter T.A. Oudenaarden en griffier J.A. Hessels. Eiser kan binnen vier weken hoger beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de beëindiging van de tijdelijke bescherming wordt ongegrond verklaard.