ECLI:NL:RBDHA:2023:18356
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens verantwoordelijkheid Polen volgens Dublinverordening
Eiser, een Jemenitische asielzoeker, diende op 17 juni 2023 een asielaanvraag in Nederland in. De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid nam deze aanvraag niet in behandeling op grond van artikel 30, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000, omdat Polen volgens de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling van het verzoek.
Eiser betwistte dit en voerde aan dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel ten onrechte wordt toegepast, verwijzend naar informatie over de Poolse asielprocedure, detentieomstandigheden en medische zorg. Hij vreesde een schending van artikel 3 EVRM Pro en verzocht subsidiair om aanhouding van het beroep in afwachting van prejudiciële vragen.
De rechtbank oordeelde dat Polen het verzoek tot terugname heeft geaccepteerd en dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat het vertrouwen in de Poolse procedures niet gerechtvaardigd is. De informatie over detentie en medische zorg was onvoldoende concreet en eiser kon zijn asielmotieven nog kenbaar maken in Polen.
De rechtbank wees het beroep af en zag geen reden tot aanhouding van de procedure. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen is ongegrond verklaard.