ECLI:NL:RBDHA:2023:18463
Rechtbank Den Haag
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Teruggeleidingsverzoek minderjarige naar Brazilië toegewezen door rechtbank Den Haag
De rechtbank Den Haag behandelde een verzoek van de vader om zijn minderjarige kind terug te leiden naar Brazilië, op grond van het Haagse Verdrag inzake internationale kinderontvoering. De ouders zijn gezamenlijk gezagdragers, maar de moeder hield het kind zonder toestemming van de vader in Nederland, na vertrek uit Brazilië en vlucht uit Oekraïne.
De rechtbank oordeelde dat sprake is van ongeoorloofde vasthouding in Nederland, waardoor de onmiddellijke terugkeer van het kind moet worden gelast. De moeder voerde verweer met beroep op weigeringsgronden uit het Verdrag, waaronder berusting van de vader en risico op gevaar voor het kind bij terugkeer. Deze gronden werden echter niet voldoende onderbouwd en afgewezen.
De rechtbank bepaalde dat de moeder het kind uiterlijk 13 november 2023 naar Brazilië moet terugbrengen, en bij nalaten het kind met geldige reisdocumenten aan de vader moet afgeven. De procedurekosten worden door partijen zelf gedragen. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad, maar schorst het hoger beroep niet automatisch.
Uitkomst: De rechtbank gelast de onmiddellijke terugkeer van de minderjarige naar Brazilië uiterlijk 13 november 2023.