Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam] , verzoeker,
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Verzoeker stelde op 13 april 2023 beroep in tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 5 september 2022. Tijdens de procedure heeft de staatssecretaris op 3 juli 2023 het asielverzoek ingewilligd, waardoor het beroep werd ingetrokken.
De rechtbank beoordeelde het verzoek tot proceskostenvergoeding op grond van artikel 8:75a Awb en het Besluit proceskosten bestuursrecht (Bpb). Gezien het feit dat de staatssecretaris alsnog aan het beroep tegemoet is gekomen door de aanvraag alsnog te honoreren, werd het verzoek tot vergoeding van de proceskosten als kennelijk gegrond toegewezen.
De proceskosten werden vastgesteld op €418,50, gebaseerd op één punt voor het indienen van het beroepschrift met een waarde per punt van €837 en een wegingsfactor van 0,5 vanwege de lichte aard van het beroep dat uitsluitend betrekking had op het niet tijdig beslissen.
De rechtbank veroordeelde de staatssecretaris tot betaling van dit bedrag aan verzoeker. De uitspraak werd gedaan door rechter J.F.I. Sinack en openbaar gemaakt zonder zitting.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de staatssecretaris tot betaling van €418,50 aan proceskosten wegens niet tijdig beslissen op de asielaanvraag.