ECLI:NL:RBDHA:2023:19079

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
1 december 2023
Publicatiedatum
7 december 2023
Zaaknummer
NL23.21494
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 AwbArt. 6:2 AwbArt. 7:1 AwbArt. 6:12 AwbArt. 4:17 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vaststelling rechterlijke dwangsom wegens niet tijdig beslissen op bezwaar vreemdelingen

Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar bezwaarschrift tegen de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. De rechtbank oordeelt dat de beslistermijn is overschreden en dat het beroep gegrond is, maar stelt het beroep formeel niet-ontvankelijk wegens niet-naleving van voorwaarden voor beroep tegen niet tijdig beslissen.

De rechtbank stelt een nadere beslistermijn van vier weken na verzending van de uitspraak vast waarbinnen verweerder alsnog een besluit moet nemen. Tevens legt de rechtbank een rechterlijke dwangsom op van €100 per dag met een maximum van €7.500 voor het geval verweerder niet binnen deze termijn beslist.

Daarnaast worden proceskosten toegekend aan eiseres en wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van het betaalde griffierecht. De uitspraak is gedaan door rechter Sinack en openbaar gemaakt zonder zitting.

De rechtbank verwijst naar het toepasselijke wettelijke kader uit de Algemene wet bestuursrecht en het Besluit proceskosten bestuursrecht. De zaak betreft bestuursrecht en vreemdelingenrecht en draait om de naleving van beslistermijnen en het opleggen van dwangsommen bij overschrijding.

Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond, stelt een nieuwe beslistermijn van vier weken vast en legt een dwangsom van €100 per dag op bij overschrijding.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
Zaaknummer: NL23.21494

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[Naam], eiseres

v-nummer: [Nummer]
(gemachtigde: mr. A.W.M. van de Wouw),
en

de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.

Procesverloop

Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar bezwaarschrift.
Verweerder heeft de gelegenheid van verweer gehad.

Overwegingen

Voor het wettelijk kader en de aan het beroep ten grondslag liggende overwegingen verwijst de rechtbank naar de aan deze uitspraak gehechte bijlage.
Is de beslistermijn overschreden?

X Ja☐ Nee

Is er een correcte ingebrekestelling en is het beroep meer dan twee weken later ingesteld?

X Ja☐ Nee

Is het beroep gegrond?

☐ NeeHet beroep is kennelijk niet-ontvankelijk omdat niet is voldaan aan de voorwaarden voor het instellen van beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit.X Ja

Heeft eisers de rechtbank verzocht om de bestuurlijke dwangsom vast te stellen?

☐ Verweerder heeft al een besluit genomen over de dwangsom.☐ JaX Nee, verweerder moet de dwangsom daarom nog vaststellen.

Binnen welke termijn moet verweerder alsnog een besluit nemen?
XVerweerder heeft geen bijzondere omstandigheden gesteld. De rechtbank acht een nadere beslistermijn van maximaal vier weken na de datum van verzending van deze uitspraak redelijk. Hierbij wordt zowel recht gedaan aan het belang van verweerder om een zorgvuldige beslissing te nemen, als aan het belang van eiseres om op korte termijn een beslissing te krijgen op het bezwaar.
☐ Er is sprake van bijzondere omstandigheden. Er zijn achterstanden in de behandeling van asielaanvragen. De rechtbank acht een nadere beslistermijn van maximaal ___________ weken na de datum van verzending van deze uitspraak redelijk. Hierbij wordt zowel recht gedaan aan het belang van verweerder om een zorgvuldige beslissing te nemen, als aan het belang van eiser(es) om op korte termijn een beslissing te krijgen op de aanvraag.
☐ Er is sprake van bijzondere omstandigheden, de rechtbank heeft verweerder echter eerder al een termijn gesteld zonder dat verweerder heeft beslist. De rechtbank stelt daarom een nadere termijn vast van veertien dagen vanaf de datum waarop de uitspraak naar partijen is verstuurd.
☐ Er is sprake van bijzondere omstandigheden, met de door verweerder genoemde termijn wordt echter de uiterste termijn overschreden van 21 maanden zoals genoemd in artikel 31, vijfde lid, van de Procedurerichtlijn. De rechtbank ziet daarom aanleiding om verweerder op te dragen zo snel mogelijk op de asielaanvraag te beslissen, maar uiterlijk twee weken na verzending van deze uitspraak
Is er aanleiding om een rechterlijke dwangsom op te leggen?

X Ja☐ Nee

Hoe hoog is de rechterlijke dwangsom als verweerder niet binnen deze termijn beslist?X€ 100 per dag met een maximum van € 7.500.
☐ Een ander bedrag.
Is er aanleiding om proceskosten vast te stellen?
XJa
☐ Nee
Hoe hoog zijn de te vergoeden proceskosten?De volgende proceskosten worden toegekend:
X1 punt voor het indienen van het beroepschrift
☐ 1 punt voor de nadere reactie(s)
☐ 0,5 punt voor een nadere reactie
met een waarde per punt van € 837 en een wegingsfactor 0,5.
Dient verweerder het door eiseres betaalde griffierecht te vergoeden?
XJa
☐ Nee

Beslissing

De rechtbank:
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het, met een besluit gelijk te stellen, niet tijdig nemen van een besluit;
- draagt verweerder op binnen vier weken na de verzending van deze uitspraak een besluit bekend te maken met inachtneming van deze uitspraak;
- bepaalt dat verweerder aan belanghebbende een dwangsom van € 100 verbeurt voor elke dag waarmee hij de hiervoor genoemde termijn overschrijdt, met een maximum van € 7.500;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiseres tot een bedrag van € 418,50.
- bepaalt dat verweerder het door eiseres betaalde griffierecht van € 184 (honderdvierentachtig euro) vergoedt.
Deze uitspraak is gedaan door mr. J.F.I. Sinack, rechter, in aanwezigheid van mr. N.F. Kreeftmeijer, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.

Bijlage

De rechtbank doet uitspraak zonder zitting. [1]
Tegen het niet tijdig nemen van een besluit kan beroep worden ingesteld. [2] Het beroepschrift kan worden ingediend als het bestuursorgaan niet tijdig een besluit heeft genomen en twee weken zijn verstreken nadat een schriftelijke ingebrekestelling door het bestuursorgaan is ontvangen. [3]
Als niet is voldaan aan de wettelijke vereisten voor een beroep tegen niet tijdig beslissen, verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk.
Als een beschikking niet op tijd wordt genomen, is het bestuursorgaan een dwangsom verschuldigd voor elke dag (vanaf de vijftiende dag na ontvangst van de ingebrekestelling) dat het in gebreke is voor ten hoogste 42 dagen. Dit is de bestuurlijke dwangsom. De dwangsom bedraagt de eerste veertien dagen € 23,- per dag, de daaropvolgende veertien dagen € 35,- per dag en de overige dagen € 45,- per dag. Deze dwangsom kan slechts eenmaal worden vastgesteld. [4]
Als verweerder nog geen besluit heeft genomen, bepaalt de rechtbank dat verweerder dit alsnog moet doen. Verweerder moet dit in beginsel doen binnen twee weken na het verzenden van de uitspraak. [5] Alleen in bijzondere gevallen kan de rechtbank een andere termijn bepalen. [6]
De rechtbank bepaalt dat verweerder bij het overschrijden van de door de rechtbank vastgestelde termijn een dwangsom verschuldigd is voor elke dag waarmee de hiervoor genoemde termijn wordt overschreden. [7] Dit is de rechterlijke dwangsom. Daarbij past de rechtbank het landelijke beleid toe. [8]
Als eiser is bijgestaan door een rechtsbijstandverlener, stelt de rechtbank een vergoeding vast van zijn kosten voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand. [9] De zaak is van licht gewicht als het alleen gaat over de vraag of de beslistermijn is overschreden en/of een dwangsom is verbeurd.

Voetnoten

1.Op grond van artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
2.Op grond van artikel 6:2, aanhef en onder b, in samenhang met artikel 7:1, eerste lid, aanhef en onder f, van de Awb.
3.Artikel 6:12, tweede lid, van de Awb.
4.Artikel 4:17 van Pro Awb.
5.Artikel 8:55d, eerste lid, van de Awb.
6.Artikel 8:55d, eerste en derde lid, van de Awb.
7.Op grond van artikel 8:55d, tweede lid, van de Awb.
8.Gepubliceerd op www.rechtspraak.nl.
9.Op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht.