Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam verzoekster] , verzoekster
[namen kinderen](gemachtigde: mr. A. Kortrijk),
Rechtbank Den Haag
Verzoekster heeft beroep ingesteld tegen het niet-tijdig beslissen op haar aanvraag voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) voor haarzelf en haar minderjarige kinderen. Verweerder heeft later alsnog besloten de mvv te verlenen via de Nederlandse ambassade te Beiroet, waarna verzoekster het beroep introk en vergoeding van proceskosten vorderde.
De rechtbank oordeelt dat het beroep gegrond is omdat verweerder niet binnen de wettelijke termijn heeft beslist. Het ontbreken van aanvankelijke gronden van beroep leidt niet tot niet-ontvankelijkheid, aangezien duidelijk was dat het beroep zich richtte op het niet tijdig beslissen. Door alsnog te beslissen is verweerder gedeeltelijk aan het beroep tegemoetgekomen.
De rechtbank veroordeelt verweerder in de proceskosten van verzoekster, vastgesteld op €418,50 voor rechtsbijstand en daarnaast vergoeding van het griffierecht van €184. De uitspraak is gedaan zonder zitting op grond van artikel 8:54 Awb Pro.
Uitkomst: Het beroep wordt toegewezen wegens niet-tijdig beslissen en verweerder wordt veroordeeld in de proceskosten en het griffierecht.