Eisers, allen van Syrische nationaliteit, hebben een aanvraag ingediend voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) in het kader van nareis bij een referent. Verweerder, de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, heeft niet binnen de wettelijke termijn van 90 dagen een besluit genomen en heeft deze termijn met drie maanden verlengd. Eisers hebben verweerder in gebreke gesteld en vervolgens beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit.
De rechtbank stelt vast dat de wettelijke beslistermijn is verstreken, dat de ingebrekestelling rechtsgeldig was en dat het beroep daarom kennelijk gegrond is. De rechtbank sluit zich aan bij eerdere jurisprudentie over bijzondere gevallen bij overschrijding van beslistermijnen bij gezinshereniging en bepaalt een termijn waarbinnen verweerder alsnog moet beslissen.
Daarnaast legt de rechtbank een dwangsom van €100 per dag op, met een maximum van €7.500, en stelt de reeds verbeurde dwangsom vast op €1.442. Verweerder wordt veroordeeld in de proceskosten van eisers. De uitspraak is gedaan door rechter M. Munsterman en griffier R. de Boer.