Eisers, allen van Syrische nationaliteit, dienden op 23 januari 2023 een aanvraag in voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) als familie- of gezinslid in het kader van nareis. De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid stelde niet tijdig een besluit op deze aanvraag. Eisers stelden de Staatssecretaris op 27 juli 2023 in gebreke en dienden op 14 september 2023 beroep in tegen het uitblijven van een besluit.
De rechtbank oordeelt dat de Staatssecretaris de beslistermijn van 90 dagen, met een verlenging van drie maanden, heeft overschreden. De ingebrekestelling was rechtsgeldig en de wettelijke termijn voor het indienen van beroep is verstreken. De rechtbank sluit zich aan bij eerdere jurisprudentie dat een overschrijding van de beslistermijn bij gezinshereniging een bijzonder geval is en bepaalt een nadere termijn voor het alsnog beslissen.
De rechtbank legt de Staatssecretaris op binnen acht weken na de uitspraak een besluit te nemen, tenzij nader onderzoek noodzakelijk is, in welk geval de termijn twintig weken bedraagt. Tevens wordt een dwangsom van €100 per dag opgelegd met een maximum van €7.500. De Staatssecretaris wordt veroordeeld in de proceskosten van €418,50.