ECLI:NL:RBDHA:2023:19435
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverordening en Zweden als verantwoordelijke lidstaat
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen, omdat Zweden verantwoordelijk is voor de behandeling van zijn aanvraag op grond van de Dublinverordening. De staatssecretaris had een verzoek tot terugname bij Zweden ingediend, dat door Zweden is aanvaard.
Eiser stelde dat Zweden niet langer verantwoordelijk kon zijn vanwege zijn verblijf buiten de EU en het politieke klimaat in Zweden, alsmede mogelijke schendingen van mensenrechten en indirect refoulement. De rechtbank oordeelde dat deze gronden onvoldoende zijn onderbouwd en dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet doorbroken is.
De rechtbank concludeert dat de staatssecretaris terecht van Zweden als verantwoordelijke lidstaat uitgaat en dat het beroep ongegrond is. Het besluit om de aanvraag niet in behandeling te nemen blijft daarmee in stand en eiser krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.